Spinozaprijs voor Karl Marx

4 juli 2009 at 21:49

4 jul 2009

Marten Scheffer heeft samen met twee andere wetenschappers de Spinozaprijs 2009 gekregen voor verder onderzoek naar, populair gezegd, zijn “kanteltheorie”.
Nu is niets in onze maatschappij waardevrij, zelfs in de wetenschap niet, of misschien juist in de wetenschap niet en zeker niet het toekennen van prestigieuze prijzen, waaraan ook nog een groot geldbedrag verbonden is. Niet dat ik ook maar iets ten nadele van het wetenschappelijke gehalte van het werk van Scheffer wil zeggen.

Integendeel. Mijn boerenverstand zegt, dat Scheffer op een goed spoor zit, een heel goed spoor zelfs. Het spoor is namelijk niet zo nieuw. Ik durf zelfs te beweren, dat als de Spinozaprijs in de 19e eeuw had bestaan, deze voor een slechts in schijn ander onderzoeksterrein aan een in onze tijd verguisde en in minder wetenschappelijke kringen tot zo ongeveer idioot bestempelde wetenschapper had kunnen worden gegeven, nl Karl Marx. 

Wat is die kanteltheorie en hoe zit dat met die achterhaalde, niet meer relevante Marx?

Volgens Scheffer is er op een gegeven moment in een bepaalde ontwikkeling maar een kleine kracht nodig om tot een groot gevolg te leiden. De spreekwoordelijke druppel. Dit geldt voor natuurkundige verschijnselen, maar ook, beweert Scheffer, voor ontwikkelingen op socio-economisch gebied. Een simpel voorbeeld is een kano, die naar een kant overhelt. Een kleine golf (kantelpunt) en hup, de boot slaat om (groot gevolg). Een ander voorbeeld is het verschil tussen helder en troebel water. In troebel water leven als gevolg van te veel aan mest algen en weinig waterplanten. Vissen eten watervlooien. Haal de vissen (tijdelijk) weg, waardoor de watervlooien weer kunnen gedijen (kantelpunt). Die maken het water helder, omdat ze de algengroei afremmen. Hierdoor kunnen weer waterplanten groeien, waarin de watervlooien zich voor de vissen kunnen verstoppen en met als gevolg, dat het water weer helder wordt. 
Zo heeft Scheffer meer praktische voorbeelden onderzocht en wetenschappelijk beschreven.

Scheffers streven is nu, als ik het goed begrepen heb, een algemene theorie te ontwikkelen, waarin het kantelmoment voorspelbaar gaat zijn. Met andere woorden, wanneer, onder welke omstandigheden, als gevolg van welke krachten zal de kano omslaan? Maar ook, wanneer, onder welke socio-economische omstandigheden, zal een volk niet langer de omstandigheden van dat moment accepteren en in opstand komen tegen de heersende macht (kantelmoment).
Nu ben ik geen geschoolde Marxist, maar ik heb in het kleuterklasje van de Marxistische theorie ooit het volgende geleerd. Wanneer is volgens Marx de tijd rijp voor een revolutie? Hij noemde daarbij 3 voorwaarden, waaraan tegelijkertijd voldaan moet zijn: de bevolking is niet langer bereid de heersende macht te accepteren; er is een partij, die de voorhoede vormt en in staat is leiding te geven aan de revolutionaire krachten; tenslotte, er is een oorlogssituatie, zodat de revolutionaire krachten beschikken over wapens en er een algemene maatschappelijke verwarring is.
Wanneer we naar de geschiedenis kijken, zien we een aantal van dat soort momenten, dat soort kantelmomenten dus: de Parijse Commune (1871), de Bolsjewistische revolutie (1917), maar ook de Iraanse revolutie van 1979, toen Khomeiny de macht greep. Dit soort momenten zijn natuurlijk niet beperkt tot communistische revoluties. 
Dit zijn slechts een paar voorbeelden van kantelmomenten, die de geschiedenis der mensheid in een korte, hevige periode een andere kant op heeft doen gaan dan voorzien.
Zonder Scheffer tekort te willen doen, lijkt het erop, dat het idee van de kanteltheorie al bestond en beschreven is door Marx, zij het in een beperkte sociaal-politieke context. Die context is echter verder niet relevant. Scheffer is immers begonnen als ecologisch onderzoeker en is geen econoom of politicoloog. Toch beweert hij, dat zijn theorie ook voor politieke systeem opgaat.
Ik kan me Marx moeilijk voorstellen op handen en knieën, zich verdiepend in plantjes, miertjes en piertjes, in een tijd dat het milieu nog lang niet op de politieke agenda stond. 
Rijst de vraag, waarom dan deze prijs? Is deze louter verleend op wetenschappelijke merites of zijn er andere overwegingen, die een rol hebben gespeeld? Kennis van de vijand is voor de Powers that be, voor de heersende macht dus, uiterst relevant en van levensbelang. Wie zijn de tegenstanders en hoe kan die tegenmacht op de meest doeltreffende en efficiënte wijze worden bestreden? Dat te onderzoeken en in kaart te brengen is de taak van de geheime diensten, maar ook de “inktkoelies” in de media voelen zich geroepen onder het mom van objectieve journalistiek hun bijdrage te leveren. En niet in de laatste plaats een groot deel van de wetenschap en de kunst.

Objectieve wetenschap is net zo’n illusie als objectieve journalistiek. 
Een saillant voorbeeld (er zijn er legio) van een dergelijk misbruik van de wetenschap, zien we in de film van de Boliviaanse cineast Jorge Sanjines “Bloed van de Condor”. Een groep antropologen steriliseert Indiaanse Quecha vrouwen, zonder dat zij dit weten, onder het mom van een wetenschappelijk onderzoek. Dit is een historisch voorval van een door de Bolviaanse regering, in samenwerking met de CIA, geïnstigeerde methode om de als minderwaardig beschouwde Quecha bevolking op termijn te laten uitsterven. In plat Nederlands: puur fascisme.

Wetenschap wordt gestuurd door de keuze in de financiering van onderzoek, al dan niet betaald uit de portemonnee van ondernemend Nederland, en door de benoemingen aan de universiteiten en hogescholen. Hiermee wil ik geenszins de wetenschappelijke integriteit van een groot deel van de wetenschappers in twijfel trekken. Waar ik wel mijn vraagtekens bij heb, is het vermogen dan wel de wil bij wetenschappers zich af te vragen of en hoe hun wetenschappelijke werk kan worden misbruikt door the powers that be. Als Scheffer in staat zal zijn gebleken zijn theorie om te zetten in een praktisch hanteerbaar model voor mogelijke kantelmomenten in de maatschappij, zal het voor de heersende machten een stuk gemakkelijker worden in een vroeg stadium bepaalde richting dat kantelmoment (opstand of een revolutie) te ontdekken en daardoor te neutraliseren. Of daarmee ook iedere verandering naar een andere, wat mij betreft rechtvaardiger maatschappij zal worden voorkomen, waag ik te betwijfelen, want hier geldt een andere waarheid: een kruik gaat net zo lang te water totdat ie barst.
Marx heeft voor zijn wetenschappelijke werk in mijn ogen postuum de Spinozaprijs verdiend. Of hij die tijdens zijn leven had geaccepteerd om als consequentie te moeten dansen naar het pijpen van de bourgeoisie, waag ik te betwijfelen, ondanks de bittere armoede, waarin hij een leven lang heeft geleefd.