Zal de geschiedenis Castro vrij spreken?

8 januari 2014 at 12:31

cubaVijfenvijftig jaar geleden, op 1 januari 1959, reden de tanks van de opstandelingen tegen het bloedige regime van Fulgencio Batista, onder leiding van Che Guevara en Camilo Cienfugeos, Havana binnen.
Na vijf jaar, vijf maanden en vijf dagen guerrilla was de dictator verdreven. Binnen enkele weken vaardigde de nieuwe regering decreten uit, waardoor het oude onderdrukkende bastion van het VS kapitalisme, gesteund door zijn Cubaanse handlangers, met de grond gelijk gemaakt werd. Havana was niet langer het goedkope bordeel van rijke hypocriete Amerikanen. De opbrengsten van de landbouwproducten zoals rietsuiker en sigaren verdwenen niet langer in de zakken van buitenlandse investeerders.
Een paar miljoen hectare land werd onteigend en teruggegeven aan de Cubaanse bevolking. De huren in de steden werden binnen een aantal weken in eerste instantie gehalveerd en daarna werden de woningen binnen twee jaar in handen van de bewoners gegeven.
Al in 1961 behoorde het analfabetisme tot het verleden, ondanks de voortdurende pogingen tot sabotage door aanhangers van Batista, in de vorm van moordaanslagen op de vrijwilligers die de bevolking kwamen onderwijzen en op de boeren die de landhervormingen ondersteunden.
De stand van zaken van vandaag op Cuba kan alleen begrepen worden in de historische context van vijftig jaar boycot door de VS, een gewapende invasie door de CIA en de talloze contrarevolutionaire samenzweringen die het land vanaf 1959 geteisterd hebben. De schade van die boycot wordt berekend op 1.000.000.000.000. En ook onder de regering van de ‘verlichte’ Obama blijft de politiek van de VS tegenover Cuba hetzelfde. Buitenlandse bedrijven en banken worden gedwongen, op straffe van honderden miljoenen dollars boete, de illegale boycot van de VS te blijven steunen, ondanks resoluties van de VN, waarin die boycot als onrechtmatig wordt veroordeeld.
Ondanks de boycot en de gevolgen daarvan voor de Cubaanse economie laten de cijfers opmerkelijke resultaten zien. Op Cuba zijn onderwijs en medische verzorging gratis. 70% van de Cubaanse jongeren volgen een universitaire studie, zonder dat ze zich daarbij in enorme schulden hoeven te steken, zoals overal in de westerse wereld. Cuba heeft bijna 10.000 jonge mensen uit 58 landen gratis opgeleid tot dokter, zodat ze in eigen land de bevolking medische verzorging kunnen bieden. Na de aardbeving op Haïti en de cholera epidemie die daarop volgde, hebben NGO’s wereldwijd miljoenen dollars opgehaald en nooit uitgedeeld. De Cubaanse dokters zijn gebleven en hebben tienduizenden Haïtianen het leven gered. Bijna 900 Haïtianen hebben met succes op Cuba een medische opleiding gevolgd.

Zonder twijfel is er van allerlei kritiek mogelijk op de Cubaanse leiding en het beleid. En voor de kleinburgerlijke intellectuelen uit het ‘vrije’ westen, die hun focus gericht hebben op hun eigen beperkte wereldje van elitaire vrijheden, is niets ooit genoeg zolang ze niet hun zin hebben gekregen. Het verleden en de toekomst zijn onverbrekelijk met elkaar verbonden als een proces van ontwikkeling en vooruitgang, maar laten we niet vergeten, in de woorden van Raul Castro tijdens de herdenking van de Cubaanse Revolutie, dat de socialistische revolutie, ‘een revolutie (is) van de nederigen, door de nederigen en voor de nederigen…’ Precies 55 jaar eerder had Fidel in een toespraak gezegd: ‘De revolutie overwint alleen als er geen compromissen gesloten worden, behalve met het volk, aan wie de revolutie de overwinning te danken heeft’.